September 2012

Terug naar startpagina     Deze pagina is gewijzigd op 21/01/13

Index
Niveau hoger
Februari 2012
Maart 2012
April 2012
Mei 2012
Juni 2012
juli 2012
In memoriam Casper
Augustus 2012
September 2012
November 2012
December 2012

 

Amerika-reis
Half september zijn we op bezoek gegaan bij mijn zoon in San Francisco. We hebben daar een fijne vakantie gehouden en daarvan vindt u hieronder het verslag, opmerkingen en overpeinzingen.

Het was ons eerste bezoek aan het "beloofde" land. Met mijn geitenwollen sokken opvattingen moet je natuurlijk tegen de USA zijn maar ik had besloten om met een "open mind" deze reis tegemoet te treden en hoewel ik de jarenlange indoctrinatie, dat Amerika voor al het slechte in de wereld staat, niet zomaar uit mijn brein kan poetsen is me dat, met een bovenmenselijke inspanning, toch gelukt.
San Francisco - Arm en rijk
Groot
We hadden natuurlijk gehoord dat in Amerika alles groot(s) is. Dat bleek direct te kloppen. We deden voor een tussenstop tijdens de heenvlucht even Las Vegas aan. Daar werden we geconfronteerd met Amerikaanse rolstoelen op het vliegveld, om slecht ter been zijnde Amerikanen van a naar b te brengen. Deze rolstoelen verdienen de naam rolfauteuils. Twee keer zo breed, lomp en zwaar als hun Europese tegenhangers. Ik heb me laten vertellen dat de slecht ter been zijnde Amerikanen nogal fors uitgevallen zijn en dat ze niet in die standaard Europese rolstoelen passen. Slecht ter been en dik zijn zijn blijkbaar twee aspecten van de American way of life. Het viel ons op dat hier veel mensen uit de lagere sociale klasse iets aan hun bewegingsapparaten mankeren. Ik heb me daarover laten voorlichten door erkende deskundigen en die zeiden dat het verschijnsel veroorzaakt wordt doordat arme mensen hier niet snel naar de dokter gaan in verband met de enorme kosten die een medische behandeling met zich meebrengen. Oorzaak en gevolg zijn hier een beetje uitwisselbaar. Het kan zijn dat je arm bent en geen medische zorg kan krijgen maar het is ook zo dat je arm wordt door de kosten van de medische zorg omdat de meeste mensen niet verzekerd zijn.
Toch moet mij van het hart dat ik tijdens ons verblijf niet een uitzonderlijk hoog percentage dikke mensen heb gezien. Het kan natuurlijk komen doordat we in San Francisco waren. Dit is toch de meest "Europese" stad van de verenigde staten. Op het platteland was het wel wat erger met de obesitas gesteld.
We hebben eerst een paar dagen in San Francisco door gebracht. De stad bekeken en doorkruist. Daarbij viel het grote aantal zwervers op naast de behoorlijke rijkdom van de gemiddelde stadse Amerikaan. Alle publieke ruimte wordt in beslag genomen door arme mensen. In sommige gedeelten van de stad staat bij ieder kruispunt wel een zwerver om wat geld te bedelen met een bordje om zijn nek dat hij zo zielig is en wat geld voor wat eten wil ontvangen. Dat zo iemand zielig is klopt natuurlijk maar dat hij geld voor eten wilt gaat er bij mij niet helemaal in en sommige zwervers zijn dan ook minder hypocriet en schrijven eronder dat het in werkelijkheid is om een alcoholische versnapering te kunnen kopen. Wat ook opviel was de natuurlijke symbiose tussen arm en rijk. Een duidelijk armoedige wijk pal naast de meeste luxueuze wijk. Nu is natuurlijk armoede en kapitalisme een soort twee-eenheid en is de gemiddelde Amerikaan blijkbaar zo gewend aan het beeld van deze discrepantie dat hij zich daar niet aan stoort. Maar voor ons Europeanen valt het toch wel erg op.
Maar het moet gezegd dat San Francisco een leuke stad is en nog veel kenmerken heeft van de oude hippie cultuur die hier oude roots heeft zoals de summer of love.
Wat wel te zien is dat de overheid geen geld te makken heeft. Amerikanen zijn nu eenmaal wars van het betalen van belastingen. De infrastructuur is daardoor in slechte tot zeer slechte staat. Kapotte wegen, overal zichtbare elektra en telecom palen in de stad en een rommelige aanblik. Het plaatselijke openbaar vervoer is het langzaamste ter wereld en bestaat uit een paar oude tram- en buslijnen. Het openbaar vervoer is zo slecht dat er verschillende grote bedrijven hun eigen bussen hebben rijden om hun personeel en gasten tussen de verschillende vestigingen en andere belangrijk punten in de stad hebben rijden. Martijn maakt altijd gebruik van de buslijnen van de UCSF, de universiteit van San Francisco waar Elif bij werkt. Dat mag natuurlijk niet want hij is daar geen medewerker maar dat controleert niemand. Ook Marry en ik hebben met deze bussen een aantal ritten gemaakt.  
Golden Gate bridge mag natuurlijk niet ontbreken Toeristen meuk
Chinatown Downtown Alamo square Koepel = Town Hall

 

Auto's
Auto's zijn belangrijk in Amerika. Zodra je buiten de stad komt zijn alle auto's ineens groot. In de stad is zo'n beetje 80% van de auto's van Europese of Aziatische makelij. Maar buiten de stad is het de Amerikaanse pick-up truck, RAM VAN of SUV die de norm zet. Hoe groter de motor en hoe minder toeren hij draait hoe mooier. Als je voor het stoplicht staat te wachten is het een gegrom vanjewelste naast je en denk je dat je tussen de 500PK vrachtwagens staat. Als het stoplicht op groen springt denk je dat je de start van een trekkertrek festival meemaakt.
Amerikaanse klusbedrijven rijden allemaal met een pick-up. Zeer onhandig want een loodgieter heeft veel gereedschappen en materialen bij zich die niet allemaal los in de bak vervoerd kunnen worden dus je ziet dat de laadbak van de pick-up geheel overdekt wordt door een grote klep die met een slot afgesloten kan worden. Er is dan echter geen plaats meer voor andere dingen om te vervoeren. Met andere woorden een zeer onpraktisch voertuig voor een dergelijke middenstander. Maar van een bestelbus hebben ze blijkbaar nog nooit gehoord. Busjes zie je bijna niet rond rijden.
We stuitte op nog een merkwaardig fenomeen en dat was het bezit van een speedboot. Dat is blijkbaar een enorm status symbool want je ziet Amerikanen overal rijden met een trailer met speedboot achter hun SUV. Ook midden in de woestijn met in een straal van 300 km geen water te bekennen.

Yosemite National Park - Bear country
Nadat San Francisco bekeken was zijn we op pad gegaan met Martijn's auto naar Yosemite. Een van de grotere natuurparken op 4 à 5 uur rijden van San Francisco. Een mooi groen park met vele bossen en bergen en mooie vergezichten. We hadden daar voor twee nachten een tent gehuurd. Dezelfde tenten waarin dit jaar 4 mensen zijn overleden aan het hantavirus, weliswaar op een andere campsite. Het hantavirus wordt verspreidt via de uitwerpselen van muizen. Er werd om ons daarom afgeraden om direct van de grond te eten. Een boterham die op de grond valt dus niet in je mond steken. Nu valt een boterham volgens de wet van Murphy toch altijd met de belegde kant naar beneden dus dat beneemt je de lust toch al. Maar voor de rest moesten we banger zijn voor beren en bergleeuwen dan voor het hantavirus. In de folder stond dat beren je niet aanvielen maar wel alles vernielen op zoek naar eten. Etenswaren en alle andere dingen die een sterke geur afgeven zoals deodorant en shampoo moeten daarom in een stalen kluis worden opgeborgen en zeker niet in je tent of auto want die breken ze open. De beren zijn sterk genoeg om van een gesloten autodeur de deurstijl om te buigen en zodoende de inhoud te bemachtigen. Als een beer zich trouwens wel agressief
gedraagt moet je hem met herrie en lawaai afschrikken. De beste verdediging tegen bergleeuw daarentegen is volgens de folder terugvechten!!! Toen wij netjes ons eten in de kluis gedaan hadden merkten we de volgende dag dat de kluizen wel berenbestendig waren maar niet muizenbestendig. De muizen hadden lekker aan ons brood zitten knagen. Met het hantavirus in het achterhoofd hebben we toen maar nieuw brood aangeschaft.

 
El Capitan Ons eigen tentje Het reisgezelschap Half Dome
Sfeerplaatjes Yosemite

Death Valley - geen dooie boel

Pete(r) Aguereberry
Pete is geboren in 1874 in Frans Baskeland en emigreerde in 1890 naar Amerika waar hij allerlei baantjes aannam om in zijn levensonderhoud te voorzien. In 1905 ging hij op weg met "shorty" Harris en ontdekte in Death Valley een plek waar goud gevonden kon worden. Pete claimde het stuk land en heeft daar de rest van zijn leven tot 1945 naar goud gedolven in de Eureka mijn. Pete is één van de bekendste prospectors in de Amerikaanse geschiedenis. Niet omdat hij zoveel goud heeft gevonden maar omdat hij de koppigheid van de ware prospector ten toon spreidde door zijn hele leven te blijven graven. Je kan het natuurlijk ook domheid noemen. Pete heeft op de plaats van de mijn een huisje gebouwd en in de begintijd kwamen er steeds meer mensen om ook hun geluk te beproeven. Op een gegeven moment woonde er 300 mensen in een soort tentenkamp en werd de naam van de nederzetting Harrisberry later Harrisburg. In 1907 waren de meeste mensen alweer vertrokken omdat de vondsten tegenvielen. Er bestaan nu nog de restanten van 3 huisjes en een ertsmolen en een met kogels doorzeefde auto. Tot zover het officiële verhaal.
In mijn fantasie heeft Pete natuurlijk vreselijk veel goud gevonden wat hij allemaal verstopte op een geheime plek. In 1945 hebben een stel criminelen lucht van de grote schat gekregen en hebben een overval op Pete gepleegd. In een bloedstollend vuurgevecht waarbij Pete in zijn auto dekking zocht is zijn Studebaker doorzeefd met kogels en kwam Pete jammerlijk om het leven. De boeven hebben echter nooit het goud gevonden. De kennis over de geheime bergplaats is met Pete mee het graf ingegaan. Dat goud ligt tot op de huidige dag goed verstopt.
Het is toch altijd leuk om verhalen van een romantisch tintje te voorzien.


Na Yosemite gingen we de woestijn in. Death valley om precies te zijn. Om deze tijd van het jaar is het daar wel uit te houden. Het was slechts 41ºC. In de zomer kan het tot boven de 50ºC oplopen. Het record staat op 57ºC. Een zeer indrukwekkend gebied met meer vegetatie dan je in eerst instantie zou denken. Tenminste Marry en ik dachten dat het kaler zou zijn. Maar er zijn blijkbaar toch weer plantjes te vinden die zich aan de enorm hoge temperaturen en droogte hebben aangepast. Er waren ook hele stukken woestijn die voornamelijk zoutvlaktes waren maar ook plekken waar zelfs bomen konden groeien. Wel heel speciale gevallen de zogenaamde "Joshua trees" maar daarom niet minder interessant. Ook hebben we een oude goudmijn opgezocht. Op verschillende plekken in Death Valley werden in vroeger dagen goudvondsten gedaan. Wij zijn wezen kijken bij de "ghost town" Harrisburg. Hier heeft een landgenoot van ons, Pete Aguereberry, (zie kader) jaren naar goud gezocht. Er zijn geen woonplaatsen in death valley, er waren vroeger wel nederzettingen maar die waren dan altijd gelieerd aan een mijn o.i.d. met aansprekende namen zoals Furnace Creek of Stovepipe Wells. We zijn dwars door Death Valley gereden eerst van west naar oost en toen naar het zuiden. Bijelkaar zo'n 200km. We kwamen daarbij ook langs Wild Rose Spring. Een kleine oase waar geleefd kon worden omdat er water omhoog komt. Facinerend om te zien hoe de natuur dan tot leven komt als er maar een beetje water in de buurt is.

Eindeloze wegen De Joshua trees De Oase
Harrisburg Studebaker van Pete Aguereberry en weer eindeloze wegen

Las Vegas
Na Death Valley zijn we naar Las Vegas gegaan alwaar we Elif moesten oppikken want die ging de rest van de reis met ons mee. Tja, wat moet ik zeggen over deze knotsgekke stad? Een stad die mensen met pracht en praal op grootse wijze lokt en als ze eenmaal binnen zijn moeten ze gemiddeld $600,- uit de zak geklopt worden voordat ze weer gedesillusioneerd naar huis mogen. We hebben de avond en nacht doorgebracht in casino-hotel Circus Circus. Misschien niet het meest prestigieuze Casino maar het was voor ons ruig genoeg. Marry heeft zegge en schrijven één dollar vergokt. Dat ging razendsnel, één dollar in een slot machine, één keer aan de hendel trekken en de dollar is weg. Net alsof je het door de plee spoelt!
 

Zion national park

Milieu
Ook Amerikanen hebben het milieu ontdekt. Overal zie je netjes gescheiden afvalcontainers om het afval al bij de bron te scheiden. Ook worden allerlei producten aangeprezen die beter voor het milieu zouden zijn, eigenlijk net zo als in Europa. Alleen weten Amerikanen hier nog niet helemaal mee om te gaan. In plaats van één plastic bekertje voor de koffie krijg je tegenwoordig kartonnen bekers, maar dan wel twee in elkaar want volgens de serveerster zijn die dingen goed voor het milieu. Martijn zegt dan ook dat Amerikanen denken dat ze zoveel mogelijk van de milieuvriendelijker producten moet gebruiken.


Nadat we Elif in Las Vegas opgepikt hadden zijn we door gereden naar het National park Zion. Het is een behoorlijk drukbezocht park, met jaarlijks meer dan 2,5 miljoen bezoekers. Zion staat vooral bekend om zijn canyons, maar er zijn ook groene bossen, droge woestijnachtige gebieden, hoge uitzichtpunten en diepe dalen.
Het Nationaal park Zion is een natuurreservaat. Het werd in 1909 een National Monument, sinds 1919 is het een National Park. Later werd het gebied uitgebreid met Kolob.
De naam ‘Zion’ kreeg dit park van mormoonse pioniers in 1860. De mormonen of "Heiligen van Jezus Christus van de laatste dagen" zijn een religie die vooral in Utah gevestigd is. Afgeleid van het Bijbelse ‘Zion’, kreeg dit voor hen de betekenis van een plek van rust en veiligheid. Ook de naam Kolob komt uit hun geschriften, het betekent: de eerste schepping, een plek dichtbij God. Rond 2000 jaar geleden leefden hier "Anasazi" of oude Pueblo-volkeren, tot ongeveer 800 jaar geleden. Toen leefde de stam van de Paiute hier tot de mormoonse pioniers aankwamen.
Het gebied dat nu Zion National Park omvat ontstond gedurende honderden miljoenen jaren toen gedurende tectonische activiteit afwisselend opbouw en afbraak van sedimentlagen plaatsvond. Ook vonden er zogenaamde "uplifts" plaats, waarbij een tectonische plaats omhoog geduwd wordt. Valleien, rivieren en andere uitgesleten gebergten ontstonden door continue activiteit, zoals vulkaanuitbarstingen en overstromingen. De canyon in Zion National Park is geheel uitgesleten door de Virgin River.
Een wondermooi natuurpark waar we uiteraard maar een klein stukje van te zien krijgen omdat de rest van het park alleen maar via meerdaagse trekkings te bekijken is. De hoofd canyon is makkelijk toegankelijk gemaakt door shuttlebussen die met een frequentie van 6 x per uur een rondje rijden.

 
Kleurschakeringen Onder de douche Emerald pool  
Virgin river   De shuttlebus

Bryce Canyon
Na twee dagen in Zion te zijn geweest zijn we doorgereden naar Bryce Canyon. Bryce Canyon is een National Park in het zuidwesten van de Amerikaanse staat Utah. Bryce Canyon staat vooral bekend om zijn hoodoos of aardpijlers, door erosie gevormde dunne rotsformaties in vele kleuren die tot 60 meter hoog kunnen worden. De kleuren van Bryce Canyon, uiteenlopend van een roestijzeren rode en gele kleur tot blauw en paars van mangaan, maken dit Nationale Park een bijzondere attractie.
Ondanks zijn naam is Bryce Canyon geen canyon. Het is niet normale regenval en rivieren die tot de erosie heeft geleid maar door een combinatie van winderosie, watererosie en ijserosie. De hoodoos zijn ontstaan doordat zachter gesteente door de combinatie van deze drie factoren langzamerhand verwijderd werd van de rotsen, waarna alleen het hardere gesteente achterbleef in de vorm van pilaren.
Een groep valleien in de vorm van (door erosie gevormde) amphitheaters strekt zich uit over een afstand van ongeveer 30 kilometer in Bryce Canyon, elk met soms duizenden hoodoos die je van de mooie uitzichtpunten kan zien. Het hoogste deel van het National Park, met uitzicht op verschillende amphitheaters, heet Sunrise en Sunset Point en bevindt zich halverwege de enige weg door Bryce Canyon. Verschillende wandelpaden leiden je tussen de hoodoos door. Twee daarvan hebben we gelopen en genoten van dit wonderlijke landschap. Ook hebben we hier de bomen gezien die het oudst worden van alle bomen ter wereld. Ze kunnen wel 5000 jaar worden. De zogenaamde bristlecone bomen. Het zijn geen grote bomen maar ze groeien zeer langzaam. Het hout van deze bomen is dan ook zo hard dat een eenmaal gestorven boom niet vergaat. Het bos waar deze bomen groeiden lag dan ook helemaal vol met afgestorven maar niet vergane resten. Een bizar gezicht!

Hoodoos
Amphitheater Gewoon mooi Bristlecone (lijkt dood maar is'ie niet)

Grand Canyon

Energieverslinders
IJs is een blijkbaar een primaire levensbehoefte voor Amerikanen. Overal kom je ijsmachines tegen die, meestal gratis, ijsklontjes leveren. Alle hotels die we bezocht hebben hadden wel ergens zo'n ding staan en op elke hotelkamer staat een emmertje die je kan vullen met ijsklontjes. Ook in de natuurparken staan ze opgesteld. Zo ook bij de het bezoekerscentrum van de Grand Canyon. Naast een vulstation met mogelijkheid om je waterfles te vullen onder het motto dat dat zo goed voor het milieu is staan in de brandende zon twee ijsmachines te loeien!! Rare jongens die Amerikanen.


Na Zion en Bryce moesten we natuurlijk ook naar de moeder aller canyons de Grand Canyon. Helaas was het uitzicht niet zo fenomenaal als we ons hadden voorgesteld. Dat werd veroorzaakt door een grote hoeveelheid waterdamp in de atmosfeer waardoor alles met een blauw-waas werd omgeven. Ook waren we blijkbaar een beetje canyon-moe. Toch hebben we natuurlijk best genoten van de mooie uitzichten en hebben we gewacht op de zonsondergang om de beroemde canyon foto's te kunnen maken. Maar dat is niet helemaal gelukt. Omdat we gewacht hadden op zonsondergang moesten we in het donker terug rijden naar onze overnachtingsplaats 50km verderop. Dat gaf nog een extra bonus aan onze reis. We hebben op deze rit nog nooit zoveel herten gezien. We reden niet veel harder dan 40km/uur om alle overstekende dieren op tijd te kunnen zien.

Big Sur
Na de grand canyon werd het weer tijd om naar huis te gaan. We hebben daarvoor de kustweg tussen Los Angeles en San Francisco, de Highway 1, genomen. Dit voert langs Big Sur. Big Sur is een dunbevolkt gebied aan de Californische kust waar het land abrupt vanuit de Grote Oceaan oprijst. De  ligging biedt schitterende vergezichten en is een toeristische trekpleister. De hoogste berg in Big Sur is Cone Peak (1571 m), gelegen op slechts 4,8 km afstand van de oceaan. Hoewel Big Sur geen specifieke grenzen heeft, wordt het meestal gedefinieerd als het gebied tussen de mondingen van de Carmel River en de San Carpoforo Creek (145 km) en de oostelijke voetheuvels van de Santa Lucia Range (32 km landinwaarts). Het noordelijke uiteinde van Big Sur ligt op ongeveer 200 km ten zuiden van San Francisco, het zuidelijke uiteinde ligt op ca. 400 km van Los Angeles. In het eerste gedeelte van de kustweg kwamen we een plek tegen die al jaren een verzamelplaats van Zeeolifanten is. Daar zijn we natuurlijk even voor gestopt. Ze stonken wel behoorlijk maar het was ook wel een leuk gezicht om al die onbeholpen beesten op het strand te zien liggen.

De Zeeolifanten Big Sur kust Strand bij San Francisco met mist

Dit was zo'n beetje het einde van onze vakantie. Het was heel fijn om met Martijn en Elif rond te trekken door een land dat we normaal gesproken niet bezocht zouden hebben als Martijn er niet was gaan wonen. We hebben veel indrukken op gedaan en veel geleerd.

 

Index | Februari 2012 | Maart 2012 | April 2012 | Mei 2012 | Juni 2012 | juli 2012 | In memoriam Casper | Augustus 2012 | September 2012 | November 2012 | December 2012

Deze site is voor het laatst bijgewerkt op 21/01/13

bekijk de statistieken